Chinese Zinnen Maken voor Beginners - Baozi TV
Chinese zinnen maken voor beginners

Chinese Zinnen Maken voor Beginners

Chinese Zinnen Maken voor Beginners

哇!你会说中文吗? Wow! Spreek je Mandarijn? Dit is een zin die je veel Chinezen zult horen uitspreken als je ze onverwacht antwoord geeft in het Mandarijn. Hoewel er steeds meer buitenlanders zijn die Mandarijn kunnen spreken, zul je met name in de meer rurale gebieden een verbaasde reactie en een glimlach krijgen wanneer je jezelf verstaanbaar kunt maken in het Chinees. In dit artikel krijg je meer kennis over de Chinese zinsopbouw en bereid je je vocabulaire verder uit waardoor je al een degelijke conversatie kunt beginnen. 

Zinsbouw in het Mandarijn

In principe heeft het Mandarijn een standaard zinsopbouw waarmee je zinnen kunt maken. Je zult zien dat zolang je deze structuur aanhoudt en de woorden verandert, je een nieuwe zin kunt maken in diezelfde structuur. Op het eerste gezicht lijkt dit ingewikkeld, maar het is eigenlijk gewoon een handigheidje. Je kunt in vrij simpele bewoordingen duidelijk maken wat je wilt. De crux is dus consistentie. Het Mandarijn heeft geen lastige vervoegingen, verleden tijdsvormen en onregelmatige werkwoorden. Het lastigste blijft de uitspraak en het kunnen lezen van karakters. Als je dit eenmaal in je mars hebt met een dosis aan vocabulaire, moet jij eens kijken hoe snel je vooruit gaat.

Zinnen in de tegenwoordige tijd

Net als het Nederlands, hanteert het Chinees dezelfde basis opbouw voor een zin. Namelijk: Onderwerp – werkwoord – lijdend voorwerp. Daar hoef je niet zo over na te denken dus. Het onderwerp heeft geen lastige uitgang, het werkwoord verandert niet van vorm en het lijdend voorwerp blijft ook hetzelfde. Kijk maar eens: 

我 吃 米饭
Wǒ chī mǐfàn
Ik eet rijst.

她 看 电视
Tā kàn diànshì
Zij kijkt televisie.

Zoals je ziet is het maken van een zin in het Chinees dus heel makkelijk. Het fijne van Chinese werkwoorden is namelijk dat ze niet hoeven te worden vervoegd. Je zult dus niet te maken hebben met verschillende uitgangen en enkelvoud of meervoudsvormen. Ook voor het aangeven van de verleden tijd of de tegenwoordige tijd verandert het werkwoord niet. In het Chinees moet je de tijd dus afleiden uit de context.

Zinnen in de verleden en toekomende tijd

Ook als een zin in de verleden of toekomende tijd staat, verandert de opbouw van de zin niet. De tijdsvorm blijft gewoon op dezelfde plek staan. Dit kan in het begin wat verwarrend zijn voor ons als Nederlanders. Voor ons is het uitdrukken van een tijd in de zin heel belangrijk. In het Chinees moet je dit echter loslaten. Je kunt de tijd niet ontdekken aan de vorm van het werkwoord. Je moet de tijd ontdekken uit de context.

我 昨天 喝 茶
Wǒ zuótiān hē chá
Ik gisteren drinken thee
Ik dronk thee gisteren

我们 明天 喝 啤酒
Wǒmen míngtiān hē píjiǔ
Morgen drinken we bier

Zinnen met tijdsaspect

Als we de zin uitbreiden met een tijdsaspect, bijvoorbeeld ‘vandaag’ krijgt de tijdsvorm een plaats achter het onderwerp. De rest van de zin blijft gewoon hetzelfde. Praesent tempor, urna a fringilla vulputate, nisl mauris tincidunt urna, a fringilla velit nunc at lacus. Phasellus mattis tortor mauris, in luctus lacus euismod sed. Sed ut bibendum diam. Nunc sit amet tincidunt nisl. Quisque vestibulum metus sem, et commodo purus consectetur non. 

我 今天 吃 米饭
Wǒ jīntiān chī mǐfàn
Ik vandaag eten rijst
‘Ik eet vandaag rijst.’

他 今天 吃 水果
Tā jīntiān chī shuǐguǒ
Hij vandaag eten fruit
‘Hij eet vandaag fruit.’

我们 现在 吃 苹果
Wǒmen xiànzài chī píngguǒ
Wij nu eten appels
‘Wij eten nu appels.’

Zoals je ziet, verandert de vorm van het werkwoord niet als we het onderwerp naar de derde persoon ‘hij’, of eerste persoon meervoud ‘wij’ veranderen. Dat geldt ook voor 你们 nǐmen ‘jullie’ en 他们 tāmen ‘zij’. Praesent tempor, urna a fringilla vulputate, nisl mauris tincidunt urna, a fringilla velit nunc at lacus. Phasellus mattis tortor mauris, in luctus lacus euismod sed. Sed ut bibendum diam. Nunc sit amet tincidunt nisl. Quisque vestibulum metus sem, et commodo purus consectetur non. 

Vraagzinnen

Wat gebeurt er nou als we een vraag stellen? Dat is het fijne van het Mandarijn, bijna niets! De zinsvolgorde blijft gewoon hetzelfde, je hoeft alleen een vraagwoord toe te voegen aan het einde van de zin, namelijk: 吗 ma. Kijk maar eens: Praesent tempor, urna a fringilla vulputate, nisl mauris tincidunt urna, a fringilla velit nunc at lacus. Phasellus mattis tortor mauris, in luctus lacus euismod sed. Sed ut bibendum diam. Nunc sit amet tincidunt nisl. Quisque vestibulum metus sem, et commodo purus consectetur non. 

你 今天 买 东西 吗?
Nǐ jīntiān mǎi dōngxī ma
Jij vandaag kopen dingen vraag
‘Ga je dingen kopen vandaag?’

Als je aan iemand wil vragen of hij uit Nederland komt, verander je het onderwerp en gebruik je 吗 achteraan de zin.

你 是 荷兰人 吗?
Nǐ shì hélán rén ma?
Jij zijn Nederlander vraagwoord
‘Ben jij Nederlander?’.

Als je antwoordt, laat je de zin grotendeels hetzelfde.

我 是 荷兰人
Wǒ shì hélán rén
Ik zijn Nederlander
‘Ik ben Nederlander.’

Ontkennende zinnen

Het Mandarijn kent twee veelgebruikte bijwoorden om een zin ontkennend te maken. De eerste is 不 bu niet. In het Nederlands komt het woord niet in een eenvoudige zin achter het werkwoord. Ik ga niet, ik wil niet, ik kan niet. Dit is even omschakelen in het Mandarijn. Hier komt het bijwoord namelijk altijd voor het werkwoord.  我不去 wǒ bu qù,我不要 wǒ bu yào,我不会 wǒ bù huì Ik ga niet, ik wil niet, ik kan niet. Stel iemand vraagt aan jou of je een Amerikaan bent, hoe antwoord je dan dat je dat niet bent? 

美国人 吗?
shì měiguó rén ma?
Ben jij Amerikaan?

美国人。
bu shi měiguó rén.
Ik ben geen Amerikaan.

不 bu ‘niet’ verschijnt hier als bijwoord bij het werkwoord 是 shi (zijn), wat samen dus 不是 bu shi ‘niet zijn’ wordt. 不 gaat ook samen met andere werkwoorden. Bijvoorbeeld: 不吃 en 不喝 bù chī bù hē

肉。
bu chī ròu.
Ik niet eten vlees
‘Ik eet geen vlees.’

啤酒。
bu píjiǔ.
Hij niet drinken bier
’Hij drinkt geen bier.’

Het andere veelgebruikte ontkennende bijwoord is 没 méi ‘niet hebben’. Dit bijwoord zul je vaak zien in combinatie met het werkwoord 有 yǒu ‘hebben’ of ‘er zijn’. Als je deze twee woorden samenvoegt krijg je dus 没有 méiyǒu en betekent ‘niet hebben’. Praesent tempor, urna a fringilla vulputate, nisl mauris tincidunt urna, a fringilla velit nunc at lacus. Phasellus mattis tortor mauris, in luctus lacus euismod sed. Sed ut bibendum diam. Nunc sit amet tincidunt nisl. 

他们 没有 电视。
Tāmen méiyǒu diànshì.
Zij niet hebben televisie
‘Zij hebben geen televisie.’

In China vind je in bijna iedere winkelstraat wel een fruit- of groenteboer. Wat is er nou lekkerder dan op een snikhete zomerdag even een stukje fruit te scoren? Je loopt naar binnen en ziet dat het schap met appels leeg is. Hoe vraag je aan een medewerker of er nog appels zijn?

你们 苹果 吗?

Nǐmen yǒu píngguǒ ma?

Jullie hebben appel vraag

‘Hebben jullie appels?’

Met name later op de dag zou het goed kunnen dat de appels inderdaad zijn uitverkocht en je er geen meer kunt kopen. De medewerker kan in dat geval op deze manier antwoorden:

对不起, 我们 没有 苹果。

Duìbùqǐ, wǒmen méiyǒu píngguǒ.

Sorry wij niet hebben appel

‘Sorry, we hebben geen appels.

Bezit

Een volgende stap om een zin uit te breiden is door bezit aan te geven. Dit doet het Mandarijn met het woordje 的,een equivalent van het Engelse ”s’. Laten we eenvoudig beginnen.

我 的 电脑

Wǒ de diànnǎo

Ik bez. computer

‘Mijn computer.’

你 的 老师

Nǐ de lǎoshī

Jij bez. docent

‘Jouw docent(e).’

 

Om bezit aan te geven doe je dus in principe hetzelfde als je een zin maakt in het Nederlands. Hetgeen dat wordt bezit komt achter 的 en de bezitter komt ervoor. In spreektaal laat je 的 vaak weg na een persoonlijk voornaamwoord en wanneer je over familieleden praat. Kijk maar eens naar onderstaande verschillen.

我 爸爸 妈妈

Wǒ bàba māmā

Ik vader moeder

‘Mijn vader en moeder.’

Normaal gesproken zou je zeggen: 我的爸爸妈妈, maar dat is in spreektaal dus niet nodig.

Als het niet over jezelf gaat, maar over de familieleden van een kennis, vriend of klasgenoot, gebeurt hetzelfde.

他 姐姐

Tā jiějiě

Hij zusje

‘Zijn zusje.’

In plaats van 他的姐姐 te zeggen, wat overigens niet fout is, laat je 的 weg en blijft de betekenis hetzelfde.

Maatwoorden

Het Mandarijn maakt veelvuldig gebruik van maatwoorden om hoeveelheden aan te geven. In het Nederlands doen we dat ook, alleen is dit niet heel gebruikelijk meer. Wanneer hoor je iemand nog zeggen: ‘Ik wil graag drie stuks appels’? We laten het maatwoord in het Nederlands gewoon lekker weg.

In het Mandarijn bestaat er gelukkig een gemakkelijke formule om aantallen aan te geven.

Getal – maatwoord – zelfstandig naamwoord (object)

Niet om je af te schrikken, maar het Mandarijn heeft heel veel maatwoorden. Gelukkig bestaat er een algemeen maatwoord dat in bijna alle gevallen te gebruiken is, namelijk 个 ge. Dit zouden we in het Nederlands vertalen als ‘stuk(s)’. Als je het even niet meer weet, is dit een woord om altijd op terug te vallen. De Chinezen doen het vaak zelf ook. Vergelijk onderstaande zinnen eens met elkaar.

我们 买 一 个 鱼

Wǒmen mǎi yi ge yú

Wij kopen één stuks vis

‘We kopen een vis.’

我 买 三 个 苹果

Wǒ mǎi sān ge píngguǒ

Ik kopen drie stuks appels

‘Ik koop drie appels.’

Zoals je ziet kun je de aantallen ‘stuks’ veranderen en blijft het maatwoord hetzelfde. Of je nou één, twee, tien of twintig appels wil kopen, zet je dit gewoon voor het maatwoord en krijg je de hoeveelheid waar je om vraagt.

Let op: twee stuks is er een om te onthouden en nooit meer te vergeten.

Hoewel we 二 èr ’twee’ als rangtelwoord kunnen gebruiken, kan dit niet om aantallen aan te geven. Dan gebruiken de Chinezen namelijk 两 liǎng ‘twee’.

我 有 两 本 书

Wǒ yǒu liǎng běn shū

Ik heb twee paar boeken

‘Ik heb twee boeken’.

Let op: Net als iedere taal heeft het Mandarijn ook uitzonderingen. Het maatwoord voor 书 shū ‘boek’ is 本 běn. Dit is een ook een paartje om goed te onthouden. Het gebruik van 个 ge als maatwoord voor boeken is niet heel gebruikelijk.

Wat gebeurt er als je het maatwoord en de hoeveelheid weglaat? Dan is het dus niet meer duidelijk om hoeveel stuks het gaat.

他们 有 猫

Tāmen yǒu māo

Zij hebben kat

‘Zij hebben een kat’ of ‘Zij hebben katten’.

Hoewel er grammaticaal niks mis is met deze zin, is het niet op te maken hoeveel katten de buren hebben. Ja, ze hebben katten, maar hoeveel dan? Hebben ze er maar liefst vijf? Dan ziet je zin er zo uit:

他们 有 五 只 猫

Tāmen yǒu wǔ zhi māo

Zij hebben vijf stuks katten

‘Zij hebben vijf katten.’

Het maatwoord voor dieren is over het algemeen het toonloze 只 zhi. Een Chinees zal je echter ook prima begrijpen als je 个 gebruikt. Hebben de buren ook nog een hond? Gebruik dan het woord 狗 gǒu ‘hond’. Let wel op: net als in het Nederlands is dit een gangbaar scheldwoord in het Chinees. Gebruik dus vooral een maatwoord!

Aanwijzen

Bij het leren van een taal, ongeacht welke, begin je eigenlijk zoals je ooit begonnen bent met Nederlands. Dingen aanwijzen en deze benoemen. Dit is een uitstekende manier om je vocabulaire te oefenen en hoeveel huiselijke of dingen daarbuiten je kunt benoemen. Je zult zien dat het ook in het Mandarijn vrij logisch in elkaar zit.

zhè ‘Deze/dit’

‘Die/dat’

Herinner je je het maatwoord 个 nog? Aangezien deze zoveel andere maatwoorden kan vervangen, kun je eigenlijk al heel veel zeggen. Je plakt 个  gewoon achter de twee aanwijzende voornaamwoorden, wijst iets of iemand aan (let op: wijzen is niet altijd even beleefd) en maakt zo duidelijk wie of wat je bedoelt.

杯子

Zhè bēizi
Dit MW beker

‘Deze beker’

杯子 (杯子)?

Zhè bēizi shì shéi de (bēizi)?

Dit MW beker zijn wie bez. beker

‘Van wie is deze beker?’

杯子 (杯子)。

bēizi shì de (bēizi).

Dat MW beker zijn ik bez. beker

‘Dat is mijn beker’.

Aangezien het uit de context al duidelijk is om welk boek het gaat, hoef je achter het bezittelijk voornaamwoord 的 het object niet nogmaals te herhalen.

Tot slot

In deze les heb je een vleugje meegekregen van hoe je zinnen maakt in het Mandarijn. Dit is de basis en vanuit hier kun je uitbouwen. Het lijkt lastig, maar als je stapje voor stapje je zinnen langer maakt, zul je de logica van de Chinese zinsopbouw gaan zien en kun je je deze eigen maken. De sleutel voor succes is herhaling en proberen. Oefen de zinnen in deze les en vervang de woorden in die zinnen met andere woorden die je hebt geleerd. In onderstaand schema zie je alle woorden die deze les zijn langskomen nog eens op een rijtje.

Overzicht geleerde woorden

KaraktersPinyinBetekenis
爸爸bàbavader (papa)
杯子bēizibeker
(不) 是(bu) shì(niet) zijn
cháthee
chīeten
debezittelijk voornaamwoord
电脑diànnǎocomputer
电视diànshìtelevisie
电影diànyǐngfilm
东西dōngxīding
对不起duìbùqǐsorry
gemaatwoord
gǒuhond
汉语hànyǔMandarijn
drinken
今天jīntiānvandaag
kànkijken
老师lǎoshīdocent(e)
mavraagwoord
妈妈māmāmoeder (mama)
mǎikopen
māokat
美国měiguóVerenigde Staten
没有méiyǒuniet hebben
米饭mǐfànrijst
明天míngtiānmorgen
die/dat
苹果píngguǒappel
shūboek
水果shuǐguǒfruit
现在xiànzàinu
zhèdeze
昨天zuótiāngisteren

 

About the Author Victor Loashi

Reageer op dit artikel

avatar
  Subscribe  
Abonneren op